Karin (18), anorexia

Ik speelde fanatiek handbal. Ons team behaalde onder mijn aanvoerderschap de ene overwinning na de andere. Toch was ik na wedstrijden en trainingen nooit in de kantine of onder de douche te vinden. Daar had ik naar mijn idee goede redenen voor: niemand mocht mijn lelijke lichaam zien.


Toen ik veertien was, woog ik met mijn 1 meter 65 wel zeventig kilo! Ik had daar nooit echt problemen mee, totdat mijn klasgenoten opmerkingen begonnen te maken over mijn gewicht. Veel te dik, zeiden ze.


Met weinig eten en met veel bewegen, raakte ik heel veel kilo’s kwijt. Ik vloog trappen op en af, ging vrijwel dagelijks naar de sportschool en hield nauwkeurig de calorieën bij van het weinige wat ik at. Het kwam voor dat ik de hele dag niks anders nam dan water. Het resultaat: 42 kilo.


Dagenlang kon ik een hongerregime volhouden, totdat ik me niet meer kon beheersen. Dan at ik achter elkaar repen chocola, pakken koekjes en veel drop. Oh, wat haatte ik mezelf dan! Toch lukte het me om op gewicht te blijven. Na zo’n eetbui braakte ik alles er gewoon weer uit.


Ik wilde nog meer kilo’s kwijt, maar mijn vader en moeder waren erg bezorgd. Ze dreigden zelfs met een bezoek aan de huisarts. Ook enkele vriendinnen maakten opmerkingen over mijn gewicht. Ze vonden me broodmager, maar ik zag nog steeds overal vet op mijn buik en benen. Sommigen vonden dat ik me aanstelde, waardoor ik me nog onzekerder voelde. Dat ik al een jaar niet meer ongesteld was geworden, vertelde ik maar niet.


Toen ik vlak voor een wedstrijd flauwviel, ontdekte de sportarts hoe ontzettend mager ik was. Bij het onderzoek dat volgde bleek dat ik zwaar ondervoed was. Vanaf dat moment stond mijn hele leven op z’n kop. Opeens was ik geen succesvol handbalster meer, maar een anorexiapatiënt.


Ik ging naar een psycholoog, een internist en een diëtiste. Die maakten me duidelijk dat opname onvermijdelijk was als ik niet snel meer ging eten. Ik was doodsbang om dikker te worden, maar het werd me duidelijk dat ik met mijn leven speelde. Met steun van mijn ouders gebruik ik mijn ijzeren wil nu om mijn eetstoornis te overwinnen. Mijn belangrijkste doel: weer genieten van mijn lijf en leven.

 

Lees meer over eetstoornissen.
 



‘Ik viel vlak voor een wedstrijd flauw. Toen ontdekte de sportarts hoe mager ik was.’ 

Fonds Psychische Gezondheid VSB Fonds